Solution 1971


Divergence 1972


Cordon Blue 1975


Fully Interlocking 1977


... It's Only Just Begun 1980


Runaway 1982


Live 1983


Mythology 2013























Noorderfasen
Het zal je als muzikant maar gebeuren dat je muziek door een toentertijd toonaangevende muziekkrant wordt aangeprezen als ‘sunsilk’-muziek. Even voor de jongeren onder ons: ‘Sunsilk’ is shampoo, zo’n soort waar je zijdezachte haren mét glans van krijgt. Nog steeds te koop, in meer dan zestig landen, behalve de USA, Engeland en Canada. Het merk komt uit 1954 en werd hier in 1967 bekend door een reclame met prachtige muziek van John Barry. Dat verhaal is elders op deze site te lezen. Het is ook de muzieklink met deze reclame die zorgt voor de verwijzing naar de muziek van Solution. Maar glanzende, zijdezachte muziek? Hoe mooi de muziek van Barry dan ook is, Solution is toch van een ander merk.

Ik kwam Solution op het spoor door het bewandelen van het achtvoudig pad van Soft Machine en dan heb ik het nu, hier, voornamelijk over hun album Third, met lange muziekstukken, voornamelijk jazz mét rock en incidenteel zang. Veel keyboards en saxen, lange stukken, veel solo’s. Voilà!

In eerste instantie moest ik niets hebben van de Solutionplaat in de bak: ‘wat een vreemde hoes’, een kanaal met een kindje op een fiets en ergens in de verte de band onder een boom. De belettering leek op die uit de voorbije flowerpower tijd. Wat een monsterlijk lelijke hoes (en dat is het nog steeds). De verkoper in de winkel prees de plaat echter aan: ’dit vindt jij wel mooi, lijkt op Soft Machine en Supersister’. Nu had Supersister ook al zo’n lelijke hoes om hun eerste plaat en die van Soft machine Third was ook niet echt een kroonjuweel, dus misschien dan toch? Na de eerste tonen wist ik het, Solution mocht mee naar huis. Inderdaad een beetje de Nederlandse Soft Machine en uiteindelijk in ontwikkeling minstens net zo grillig.

Maar eerst gaan we terug tot ver voor de flowerpower-tijd (1967 is dat) en wel naar 1964. Enkele jongeren van het Heymans Lyceum spelen in een bandje genaamd The Keys, een jazzy-soul bandje dat vooral te vinden was in het studentenleven. Ze speelden onder anderen muziek van Ray Charles, Georgie Fame, Mel Tormé, Aretha Franklin, Wilson Picket, Otis Redding, maar waren vooral onder invloed van Julian ‘Cannonball ‘Adderley. Adderley speelt altsax en zijn stijl staat bekend als ‘soul-achtige hardbop’. In The Keys was het een komen en gaan van musici. In de rij: Tom Barlage (saxen, fluit), Rik Zaal (toetsen), Louis de Vries (zang), Albert - Ap of Appie - Alberts (later bekend als AA and the Doctors - saxen), Ton Groenendaal (bas), Cees Beaudoux (zang), Frits Schmidt (drums), Gijs Jan Loot (drums), Diederik Otto (bas), Ad Kooi (bas), Hans Waterman (drums), Willem Ennes (toetsen).[foto - poparchief groningen]

In 1966 maakt Groningen, veelal onbewust denk ik, het einde van The Keys mee. Uit de sleutel-as ontstaat Soulution; een band met suggestieve naam richting de soul. Het is echter niet zozeer soul, maar een wat gemakkelijk in het oor liggende jazzgeluid dat de groep voortbrengt. In de eerste versie van Soulution zitten een aantal ex-sleutelspelers: Tom Barlage, Gijs Jan Loot, Frits Lagerwerff, Louis de Vries, Willem Ennes en Ad Kooi. Zo af en toe speelt gitarist John Schuursma mee. Solution speelt in deze fase vooral instrumentale muziek, later meer een beetje in de stijl van Blood, Sweat & Tears en/of Chicago Transit Authority (beter bekend als Chicago). Begin 1970 verlaten de Vries en Lagerwerff de band. De Vries wordt vervangen door Frank de Graaf, maar die houdt het na een paar maanden voor gezien. Basgitarist Ad Kooi vertrekt aan het eind van het jaar en wordt vervangen door Peter van de Sande die op zijn beurt net Focus de rug had toegekeerd. Tot slot komt er nog een drumstoelwisseling; Loot gaat, Hans Waterman (ex-Cuby & the Blizzards) komt.
Onder de streep houden we dan het eerste kwartet over: Barlage, van de Sande, Ennes en Waterman. John Schuursma helpt de groep aan een platencontract met Catfish, een sublabel van Bovema.

Op 17, 18 en 19 mei 1971 wordt in de studio van Bovema in Heemstede onder het oog en oor van producer John Schuursma en Joop Visser, de eigenaar van Catfish, de eerste lp opgenomen De plaat heet simpelweg Solution (1971). De oplettende lezer ziet meteen dat de eerste ‘u’ uit de naam verdwenen is, want men wil zich met deze plaat, een mengeling van jazz en rock, niet als soulband laten gelden De tracks Koan en Preview hebben nog sporen van BS&T en Chicago, maar ook een eigen, wat zachtere, klank (dat is die sunsilk natuurlijk), die vooral komt van de sopraansax van Barlage. Phases valt op door het zweverige intro én door een wat uit de toon vallende zangpartij van van de Sande. De muziek is wat dat betreft nog niet helemaal in balans. Kant twee is wat duidelijker: Trane (John Coltrane is dat) Steps zou zo muziek kunnen zijn voor een film. De laatste track, Circus Circumstances, beetje Supersister-achtig, doet zijn naam eer aan, maar wordt nadat de piste ingenomen is, meer eigen, jazzy en gaat da richting Soft Machine. Dit is overigens het album met het kindje op de fiets etcetera. Nog voordat de plaat in de winkel ligt is van de Sande opgestapt en vervangen door Guus Willemse. Het bleek een goede wissel.

De eerste plaat werd overal goed ontvangen en een tweede volgt al snel. Solution kreeg het voor elkaar om voor het snel populair wordende Engelse Harvest-label (o.a. Pink Floyd, Deep Purple, Barcley James Harvest) op te mogen nemen. Opnamen vonden plaats in de Island Studios in Londen. De lat lag hoog, Engeland in theorie aan hun voeten. Divergence (1972), de naam van nummer twee, laat een gegroeide groep horen. Wat we ook meer horen is zang en wel van Willemse. Zijn wat zachtere stem past goed bij de nog steeds (soft-)jazzy muziek. De titeltrack is wellicht het meest bekend, want het thema kennen we namelijk ook als ‘Tommy’, maar dan uitgevoerd door Focus.

Het succes lonkt, maar het onheil ligt op de loer. Net als Solution uit de startblokken is gekomen lijkt het spel over. De helft van de groep, Ennes en Barlage, moet namelijk het leger in; in die tijd was er nog dienstplicht en muzikanten ontkwamen er niet aan. Barlage verdwijnt even helemaal en weet een psychiater zover te krijgen dat hij afgekeurd wordt, mits hij een gesigneerd stapeltje platen aanlevert; de man bleek een fan van de groep… Ennes had niet zoveel geluk. Het was dus behelpen, maar de groep werkt zoveel mogelijk door. Willemse heeft of zoekt in deze periode logischerwijs regelmatig andere werk, waardoor Solution te maken krijgt met een rij basvervangers: Jaap van Eik (ex-Cuby), Arthur Clarke, Jan de Hont, Lou Leeuw en Adri Klöne. Het kan zelfs voorkomen dat de groep een tournee door Engeland doet met zanger Kaz Lux (die we kennen van Brainbox natuurlijk); een zanger met een heel eigen geluid en niet bepaald een zijdezacht-geluid.

Nadat Ennes en Barlage zijn afgezwaaid en Willemse ook op de basis is teruggekeerd wordt het hoog tijd voor een nieuw album. Divergence is inmiddels drie jaar geleden verschenen, dus de band moet weer op de muzikale kaart gezet worden.

Door al het recente gerommel is de typische Solution-sound uiteindelijk ook aan verandering onderhevig. Dat komt niet alleen door dat gerommel, maar ook door de geest van de tijd. Er werd nu andere muziek gespeeld en dan is het of meedoen of je eigen eenzame weg gaan. Het maakt Solution aan het twijfelen en dat is te horen op het derde album. Voor de opnamen neemt Willemse Michiel Pos (tenorsax, gitaar) mee. Pos speelt tijdens de opnames mee, doet wat concerten, maar blijft uiteindelijk niet. Ondanks het feit dat er een gat zit tussen twee en drie maakt de groep met Cordon Blue (1975) een goede herstart. De lp is de eerste op het gloednieuwe label van Elton John ‘Rocket Men’ en is geproduceerd door John’s eigen producer Gus Dudgeon (ook bekend van Joan Armatrading en Kiki Dee). Opnames vinden plaats in Engeland, in de befaamde Rockfield Studios in Wales (befaamd omdat er niets in de buurt was, niets te doen, een desolaat gebeuren). Er is nog een klein linkje met het oude Harvest-label, de nieuwe hoes wordt gemaakt door Hipgnosis; dé hoezenmakers van Pink Floyd. De reacties op Cordon Blue, onder andere door het blad Rolling Stone, zijn enthousiast. Misschien omdat de plaat toegankelijker is, minder lang uitgesponnen thema’s telt en gewoon meer ‘soul’ heeft. De eerste track, Chapaqua, is een mooie link met de vorige albums. Op het album staat de track Black Pearl. Dat is een heel andere zwarte parel dan die waarmee Margriet Eshuis een grote hit in Nederland had.

De plaat levert tournees op door Engeland en Europa, maar de verkopen vallen tegen. Ondanks dat wordt met Gus Dudgeon voor Rocket Men een tweede album opgenomen: Fully Interlocking (1977). Opnames vinden plaats in de nieuwe studio van Dudgeon, The Mill, maar eigenlijk is die studio nog niet eens af. Het is een prachtige, luxe setting en de band wordt uitgedaagd met goed werk te komen. Een single van het album, Empty Faces, komt terecht in de tipparade, maar komt helaas niet verder. Ook nu weer vallen de verkopen tegen. De critici vinden dat Solution teveel een knieval heeft gemaakt voor de commerciële kant van de muziek en dat de oude kwaliteit/sfeer ontbreekt. Opnieuw twijfels en onenigheid. Die laatste vooral richting Rocket Men dat ze te weinig doen aan promotie. Als blijkt dat hun financiële situatie helemaal niet zo rooskleurig is als gedacht verbreken ze het contract.

Intermezzo: Willemse, onder zijn alias Gus Williams, heeft in deze periode een eigen country (!) solohitje met de single Canyon to Canyon (1978). Dat herhaalt hij in 1980 en 1982 nog eens met respectievelijk: ‘Until Death’ en het verrassende ‘Eenzaam en alleen’; alleen leveren die minder succes op.

Opnieuw heeft Solution het zwaar: ze moeten op zoek naar een nieuwe platenmaatschappij en zoeken richting in hun muziek. Dat zoeken duurt drie jaar. In die drie jaar is er van alles gebeurd. Men heeft besloten om het nu allemaal zelf te doen, zowel producen van de plaat als het hoesontwerp (eenvoudig, in stijl van de Chicago lp’s). In 1980 verschijnt op CBS het vijfde album met de wel heel erg optimistische naam: ‘It’s Only Just Begun’. Opvallend is de bijdragen van een andere noorderling: Jan Akkerman. Akkerman componeert (On My Own) én speelt mee (Logic). In zijn kielzog neemt hij de bekende percussiespeler Nippy Noya mee; die is op vier tracks te horen. Opvallend is de aanwezigheid van technicus Phil Dunne, dezelfde die de twee vorige platen verzorgde. Wat de groep met de titel van de plaat al duidelijk maakte, er is gekozen voor een nog duidelijkere richting: korte nummers, weinig jazz, meer ‘pop’ of moeten we zeggen meer ‘soul of funk’? Eigenlijk gaat het groepsgeluid op It’s Only Just Begun nu meer richting Steely Dan. Daar is verder niets mis mee, alleen raakt Solution steeds wat verder af van de roots van hun eerste twee platen. Voor de liefhebbers is het wennen en ik haakte hier dan ook af. Later, met de beroemde terugwerkende kracht, kon ik deze periode alsnog waarderen, maar mijn nostalgisch gemoed blijft vaker hangen bij Solution en Divergence. Aan de andere kant is opvallend, dat zegt ook wel weer iets over de kwaliteit van It’s Only Just Begun’, dat het de best verkochte Solution-lp ooit is.

Niet alleen bij mij sloeg de twijfel toe. In plaats van vooruit leek het eigenlijk steeds verder achteruit te gaan met Solution. CBS leverde nog een tweede plaat: “Runaway’; Solution’s zesde (in 11 jaar tijd). CBS had er heel wat voor over en regelde de van Traffic bekende drummer Jim Capaldi als producer. Capaldi zingt mee op ‘Evil Love’ en stimuleert de groep behoorlijk. Gast op Runaway is gitarist Harry Hardholt (die de dansliefhebbers kennen van The Houseband). De verkopen moeten verder aangewakkerd worden door de verpakking. Dit keer geen kinderfiets, maar een sexy lady met een ruim vallend topje. De single van de titeltrack wordt een kleine hit, maar het verwachte succes blijft ondanks de dame en de weer lovende recensies, opnieuw uit. Daarnaast zijn de heren meer en meer bezig met andere, eigen projecten. De conclusie luidt dan ook: het tijd om te stoppen. Geheel in traditie volgt er een afscheidstournee en wel door België en Nederland. Er zijn twee laatste optredens; een in de Oosterpoort (Groningen) en een in Paradiso. In Paradiso is de VARA (omroep) aanwezig om opnamen te maken. Van de afscheidstournee worden opnamen gemaakt voor een afscheidsplaat. Dat wordt: ‘Solution Live’ (1983). Het dubbelalbum wordt uitgebracht op een sublabel van Telstar Records: Sky (niet te verwarren met de Duitse Sky, ooit hét label voor experimentele, Duitse muziek). De uitstekende live-plaat was het afscheidscadeau voor de fans. Na dertien jaar zoeken naar de goede richting was het over.

De nu ex-leden gaan vervolgens allemaal zo hun eigen wegen: Hans Waterman speelt een tijd bij de Jan Akkerman band, gevolgd door The Pretty Things (elders op deze site) en later bij Rene & the Alligators. Guus Willemse en Harry Hardholt komen terecht in de band van Margriet Eshuis. Willemse speelt ook nog even mee in The Jury. Willem Ennes en Tom Barlage blijven samenwerken als producers (o.a. Time Bandits) en als makers van muziek bij commercials en jingels. Barlage speelt her en der mee als gast, onder anderen in de band van Harry Muskee (ja, de Harry van Cuby).

In 2006 vindt in het ‘geheim’ een reünieconcert plaats in Club Panama (Amsterdam). Mrs. Einstein (met daarin de zus van Willemse, Paulette) verzorgt het voorprogramma. Er zijn twee optredens met de ‘oude’ bezetting: Ennes, Barlage, Waterman en Willemse. Gasten zijn er ook: Harry Hardholt en Michiel Pos. Dit concert wordt opgenomen en alleen in eigen beheer via de eigen site uitgegeven op dvd.

September 2012 overlijdt Willem Ennes na een kort ziekbed aan slokdarmkanker.

In 2013 brengt Pseudonym Records een drie-cd-set uit, Mythology (uiterst curieuze titel), met opnames van de eerste vier platen, aangevuld met live-opnamen die de band ooit maakte voor VPRO’s Campus in 1971. Zowel Piknik als Campus waren beroemde concertreeksen die ergens in den lande plaatsvonden en op TV werden uitgezonden. Daar treden tal van beroemdheden op, zowel uit binnen- als buitenland. Vermaard zijn die van Zappa met zijn toen nieuwe Mothers met Mark Volman en Howard Kaylan en die met Dr. John the Nighttripper. Bijzonder voor Solution was dat hun opname mislukten en ze die in de studio mochten overdoen. In de bijsluiter van Mythology is een leuke anekdote te lezen: tijdens hun Campus-avond speelde een band genaamd The James Gang. De gitarist vroeg of Waterman en Willemse niet bij hem wilde komen spelen. Maar voor Willemse was dat zijn eerste concert met Solution en om nou weer over te stappen? De gitarist was ene Joe Walsh.

Met de set van Pseudonym komt dit verhaal tot een mooi, rond eind, want… de hoes om dit product vind ik namelijk spuuglelijk: een bolspeaker op wolken (?) en daar is weer die oude flowerpower belettering van de eerste plaat. Het is maar goed dat ik de band inmiddels kende, anders had ik die set gewoon laten staan, want nu is er bijna niemand meer die kan roepen dat dit iets voor mij zou kunnen zijn.
 
tekst: Paul Lemmens maart 2018 -  plaatjes: © Universal