Macht das Ohr auf!

Vraag naar Duitse muziek; het merendeel – inclusief Google - zal een associatie hebben die overeenkomt met bovenstaande foto. Experimentele Duitse rock en zelfs elektronische Duitse muziek heeft daar weinig mee te maken. Of misschien wel? Duitsland na de Tweede Wereldoorlog is een land in puin, ontredderd, mensen die hun idealen kwijt zijn, hun voorbeelden afgestraft zien en eigenlijk helemaal opnieuw moeten beginnen. Dankzij het Marshallplan van de geallieerden wordt Duitsland snel op poten gezet. Dat daarbij een scala aan westerse cultuur het land binnenstroomt is voor velen niet erg, ze zoeken dat juist op. Een generatie Duitse kinderen die tijdens de opbouw geboren wordt kent wel welvaart, maar heeft vooral vraagtekens bij het verleden. Is dit het land waarin ze willen wonen? De cultuur? Veel jongeren keren zich af van dat verleden en zoeken een eigen weg naar de toekomst.

Dat gebeurt niet alleen in Duitsland, maar overal. De hippe, alternatieve, progressieve en politiek geëngageerde jaren zestig zijn het gevolg: in elk opzicht anders zijn en worden. Duitse jongeren zitten echter in een andere positie. Ze willen zich niet alleen afkeren van het land van hun ouders, maar ook van dat van de westerse landen onder wiens dominante juk ze leven. Een en ander escaleert in 1967 als tijdens een demonstratie tegen het bezoek van de Sjah van Perzië, Benno Ohnesorg door een agent in burger wordt doodgeschoten. Met name dit feit is de reden dat veel jongeren zich afkeren van de heersende cultuur en hun heil zoeken in andere samenlevingsvormen als bijvoorbeeld communes. Daar ligt enerzijds de bakermat voor veel nieuwe muziek, maar ook voor bijvoorbeeld de Baader Meinhoff Gruppe. De muziek van deze generatie weerspiegelt hun frustraties, wensen en ideeën. Ook in de muziek keren jongeren zich af van de bekende en heersende cultuur. Een aantal losstaande feiten veroorzaakt een reactie met gevolgen.

Componisten als Karlheinz Stockhausen en Herbert Eimert droomden na de oorlog van nieuwe muziek; muziek die alleen door of met behulp van elektronica geproduceerd kon worden. Daarnaast stonden de jongeren snel open voor bands als The Beatles, maar zagen er niets in om het pad van de rock’n roll ook op te gaan, dat was te westers. De eyeopener, beter de earopener, kwam van twee kanten. Pink Floyd liet met hun dubbel-lp Ummagumma een totaal nieuwe manier van muziek maken horen: een soort space-rock met invloeden van dagelijkse geluiden uit zowel huis als natuur. De langgerekte nummers vol geluidsexperimenten waren precies dat andere geluid dat men zocht. De katalysator in het geheel was Frank Zappa. Zijn concert in 1968 met de Mothers of Invention tijdens de Essener Songtage was voor de meeste Duitse jongeren die op zoek waren naar hun muziek precies dat wat ze zochten: kritiek op de westerse maatschappij, parodie en satire en muziek die een samenraapsel bleek van doowop tot en met op Europese basis gestoelde klassieke muziek. Combineer dat met Pink Floyd en met Stockhausen’s en Eimert’s idee en zet dat af tegen de opvattingen van de tijd: Deutsche Musik ist da und ist Neu!

Achteraf gezien zijn op heel veel plaatsen in Duitsland jongeren op hun eigen manier bezig hun muziek te scheppen. In Berlijn is het Zodiac Free Arts Lab een broeinest van nieuwe muziek; een ontmoetingsplek voor mensen als Klaus Schulze, Edgar Froese (foto linksboven) en Connie Plank die met name geïnspireerd worden door Thomas Kessler. Het trio vormt later de eerste versie van Tangerine Dream. In een oud schoolgebouw in het plaatsje Wümme verdoet een groep de tijd met luieren en muziek bedenken. Als de ‘nieuwe’ Beatles heeft Faust (links boven deze tekst) een enorm voorschot gekregen van platenmaatschappij Polydor. Als ze na heel lang uitstellen uiteindelijk hun plaat afleveren schrikken die zich meer dan een Tirolerhoedje. In Schloss Nörvenich timmeren enkele ex-leerlingen van Stockhausen aan hun nieuwe weg: Holger Czukay en Irmin Schmidt hebben met drummer Jaki Liebezeit en good looks gitarist Michael Karoli hun eigen Can-visie (rechtsboven) op de toekomst. In Düsseldorf trekken twee nette heren zich terug in hun Klinkklang studio: Ralf Hütter en Florian Schneider (foto links hierboven) proberen daar hun puur elektronische Kraftwerk dansmachine op te starten, daarmee meteen een splitsing aanbrengend tussen de langharige hippies en de kortharige nieuwe zakelijkheid. In dezelfde plaats is een duo onder de naam Neu! (rechts) aan de slag; multi-instrumentalist Michael Rother en drummer Klaus Dinger zetten een opvallend geluid neer dat later invloed zou hebben op David Bowie en de hele punk-scene. Zo zijn er veel meer: Harmonia, Gila, Popol Vuh, Cluster, Amon Düül I en II, Deuter, Agitation Free. Overeenkomst bij al die bands en namen is het gebruik van een grote hoeveelheid elektronica en de repeterende ritmes van het slagwerk; later ook drummachines. Jaki Liebezeit gaf ooit aan dat slagwerk vaak de tijdgeest bepaalt en daarmee muziek al dan niet dateert. Die manier van spelen was zo bijzonder dat Brian Eno later zei: “There were three great beats in the 70s: Fela Kuti’s afrobeat, James Brown’s funk and Klaus Dinger’s Neu!-beat.”

Nieuwe muziek, nieuwe platenlabels. Met name Brain en Ohr (het label van Rolf-Ulrich Kaiser) zijn dé labels als het gaat om de experimentele Duitse muziek. Maar ook grote namen als Philips en United Artists/Liberty pikken hun deeltje mee. Naast de muzikanten zijn er ook een paar producers zonder wie deze muziek niet zo zou klinken: Dieter Dirks, die als technicus aan de wieg stond van onder andere de tweede, derde en vierde Tangerine Dream platen; platen waarmee Tangerine Dream bekend werd in Engeland; de eerder genoemde Rolf-Ulrich Kaiser die in eerste instantie een soort motor was achter veel muziek, maar iemand waarvan de musici zich later negatief over uitlieten en hem links lieten liggen omdat hij hun muziek als ‘kosmisch’ verkocht; Conny Plank (links), godfather van de Duitse muziek, de naam die bijna garant staat voor alles wat met Krautrock - zoals deze muziek eerst wat schertsend genoemd werd, maar nu een eretitel is – te maken heeft en ooit U2 weigerde te produceren omdat de stem van Bono hem niet aanstond; Gerhard Augustin, die samen met Uschi Nerke het programma Beat-Club op de TV bracht en platencontracten regelde voor menig artiest.

Zoals eerder gezegd was ieder voor zichzelf bezig met soms regionaal veel, soms weinig succes. Totdat David Bowie halverwege de jaren zeventig – de hoogtijdagen van de Krautrock waren allang voorbij - aangaf helemaal ondersteboven te zijn van de Duitse muziek en samen met Brian Eno naar Berlijn toog om daar enkele voor hem essentiële platen te maken. Zijn actie was aanleiding voor veel mensen om eens wat dieper in die kruidige rock te duiken en voor het eerst ontstond er een overzicht van al die verschillende bands. Dat leidde vervolgens tot een nieuwe hype en dus een stroom Duitse bands en muziek die samen vielen onder de noemer: Neue Deutsche Welle, zoals D.A.F., der Plan, Palais Schaumburg, Pyrolator, Einstürzende Neubauten, maar ook de schattige Nena met haar negenennegentig luchtballonnen. De meest spannende muziek komt echter nog steeds van halverwege de jaren zestig tot begin jaren zeventig, muziek die van heel verstild, bijna ambient, tot gitaarerupties met heavy beat gaat, van dromerige filmmuziek tot ad hoc collagetechnieken, van akoestische gitaren tot en met een scala aan synthesizers en vroege computers. Veel hiervan is te vinden op Deutsche Elektronische Musik 1 en 2. Stuk voor stuk juweeltjes die vragen om veel meer van dit soort muziek. Er is dan ook best veel, maar je moet er goed naar zoeken en wel een beetje de weg weten in de Heimat van de Krautrock.